Recensie uit het Witte Weekblad van 10 Okt 2009

Concertgebouw Kamerorkest schittert in Oudshoornse kerk

Froukje Jellema
Foto: Rob Joore

ALPHEN - De culturele stichting Cornelis de Vlaming bestaat dit jaar 25 jaar. Een goede reden om het komende seizoen eens extra uit te pakken met concerten waarin topmusici de boventoon voeren. Het eerste van de vijf jubileumconcerten vond plaats op 4 oktober in de Oudshoornse kerk. In de bijna tot de laatste bank gevulde kerk excelleerde het Concertgebouw Kamerorkest met muziek van Haydn, de componist die dit jaar precies tweehonderd jaar geleden overleed.


Op het programma stonden twee symfonieën, een hoornconcert en Divertimento in Es. Onder leiding van concertmeester Henk Rubingh, sinds 1984 verbonden aan het Koninklijk Concertgebouworkest en sinds vier jaar concertmeester van dit Kamerorkest, leek de uitvoering bijna vanzelf te gaan. Een lichte beweging van zijn kant was voldoende voor een perfect samenspel van de ervaren musici. 'Dit spel is van zo'n hoog niveau, dat je het na een half uur al normaal gaat vinden dat het zo klinkt. Maar dat is natuurlijk niet zo, hier zijn topmusici aan het werk', merkte Piet Brummer, directeur van de muziekschool, na afloop dan ook terecht op.


Het concert begon met de Symfonie nr. 22 in Es. Het manuscript voor deze symfonie kreeg de naam De Filosoof, maar deze is zeker niet door Haydn zelf bedacht. De Filosoof is eigenlijk alleen maar toepasselijk voor het eerste deel, want naarmate het stuk vordert, verandert de ernstige toon in een luchtige vrolijkheid. In het daarop volgende Hoornconcert nr 2 in D schitterde Jasper de Waal als solist. Van der Waal is vanaf augustus solohoornist bij het Koninklijk Concertgebouworkest.


Na het minder bekende Divertimento in Es direct na de pauze, eindigde het orkest met de Symfonie nr. 44 in E, de zogenaamde rouwsymfonie. De symfonie kreeg deze bijnaam omdat Haydn wilde dat het langzame deel ervan op zijn begrafenis werd gespeeld. Nadat de laatste tonen waren verstomd en het publiek de musici beloonde met een enthousiast applaus, kwam er een verrassende toegift van een deel uit Mozarts Symfonie nr 29 in A majeur.


Is een uitvoering van dit kamerorkest in het Concertgebouw al een beleving op zich, de intimiteit van een optreden in deze kerk maakt zo'n optreden helemaal bijzonder. Als de overige concerten in dit jubileumjaar hetzelfde niveau hebben, dan kan de Stichting Cornelis de Vlaming terugkijken op een geslaagde 25ste verjaardag.

 
Recensie uit het Leidsch Dagblad van maandag 5 oktober 2009:

Zinderend van musiceerpret en vitaliteit


(Door Lidy van der Spek)
"Muziek is gezond". Een motto dat hoog in 't vaandel staat van het Amsterdamse Concertgebouw Kamerorkest en fantastisch aansluit bij het welkomstwoord van de voorzitter van de Stichting Cornelis de Vlaming. Dit "kleine" orkest zindert van musiceerpret en vitaliteit in het concert dat geheel aan Haydn gewijd is.

In de Symfonie nr. 22 in Es toont Haydn zich als een componist van het grote(re) gebaar, van kleurrijke dramatiek, zelfs van persoonlijke verdieping.
Met drie hoornstoten, overgenomen door de (alt)hobo's bijten de blazers het spits af. Hoewel zij prominent en wetend de weg wijzen, zijn de grote strijkers het kloppend hart van het adagio.
Presto klinkt superenergiek, één van geest, in een juichend fortissimo. Zo typerend voor Haydn, blijven menuet en trio mooi transparant tot de slotharmonie die als een zwaluw wegwiekt. Bijna broeierig begint de finale voordat het hele orkest strak spuitend vuurwerk levert.

Het Divertimento in Es, ook de Symfonie in E zijn werken om een groter publiek te vermaken; ze spreken je aan, brengen je op het puntje van de stoel, laten je lachen. Dynamisch en kernachtig wordt gemusiceerd, plaats en ruimte makend voor het tere moment, de lichte toets. Het Menuetto vraagt om stijlvol, en vooral maatvast "gedanst" te worden, en dat gebeurt feilloos. De eerste violen zoeken scherp en helder het hoogste register op in het adagio; niettemin is er rust alom. Ook hier gaat het presto als een tornado tekeer, zwiert fel en kleurrijk door de kerkruimte.

Concertgebouw kamerorkest in de Oudshoornse kerk
"Allegro con brio" van de tweede Symfonie breekt na de breed uitgesponnen eerste frase los als een roedel jonge honden die het vrije veld in rennen, achter elkaar aanjagend. Vrij en natuurlijk keren zij terug op hun schreden, staan bijna stil, om weer pijlsnel de poten te nemen. Zelfs het adagio staat bol van energie, laait van gloeiende kleuren die blazers en strijkers samen genereren.

In het Hoornconcert (nr.2 in D) is de samenspraak tussen solist en orkest meestentijds levendig en alert, maar hoornist Jasper de Waal heeft soms neiging tot hollen. Dan moet de primarius Henk Rubingh -als een soort Job Cohen- zorgen dat de boel bijeen blijft. De Waal heeft oog en oor voor warme kleurnuances en, evenals het orkest, voor fluweelzachte echo-effecten. In de cadenzen neemt  hij de "vrije hand" om klank en kleur positief te beïnvloeden. Zo lijkt z'n laatste solo (coda) een reveille: sta op, sterk en gezond !

Voor het Concertgebouw Kamerorkest is er metterdaad geen beter devies: Muziek máákt gezond !
 
Meer artikelen...
<< Start < Vorige 1 2 Verder > Einde >>

Pagina 1 van 2
www.cornelisdevlaming.nl Copyright ©2012